Watergang of Grote Sloot

Deze waterkeringen worden voornamelijk belast door stroming langs het talud (tot 2 m/s) en/of door golven als gevolg van langsvarende recreatieve schepen en deels door stromingen haaks op het talud als gevolg van wisselingen in de waterstand. Langsstromingen belasten de oever met name nabij vernauwing in het natte profiel. Dat betekent dat bij uitmondingen van bv. sluizen, maar ook bij duikers, bruggen en andere kunstwerken de stroming kan toenemen en daarbij de kans op erosie van de oever.

Belasting:

  • Scheepsgolven
  • Stroming langs het talud tot 2 m/s
  • Stroming haaks op het talud


Principe constructieopbouw:

De opbouw van een dergelijke glooiing kan bestaan uit een constructie van betonmaterialen met een ecologische dek- laag (al dan niet als matten) op een filterconstructie van geotextiel op de aanwezige geëgaliseerde ondergrond. Een gewicht van 185 kg/m2 zal doorgaans voldoende zijn.

4-Watergang-sluis-Koedood-1

Uitvoeringsmethoden en materialen:

Hieronder treft u een overzicht met methoden en producten. Klik op de producten of blader verder voor een nadere toelichting van de verwerkingsmethode per product.

Omstandigheid

Uitvoeringsmethode

Product

door toepassing van matten bestaande uit beton- blokken verbonden aan een drager van geotextiel

door toepassing van grote doorlatende betonele- menten (min. 185 kg) los geplaatst op geotextiel of door toepassing van matten bestaande uit betonblokken verbonden aan een drager van geotextiel

door toepassing van matten onder water en betonelementen op geotextiel boven water

RONA®Ton met ECO toplaag
in combinatie met
RONA®Blokkenmat ECO-toplaag